sluit

Stuur door

NB: De ingevoerde informatie wordt NIET door ons bewaard voor commerciële doeleinden, maar uitsluitend gebruikt voor het versturen van dit mailtje.

Doorgaande lijn in strategieën

Het interactief voorlezen is de belangrijkste manier om kinderen voor te bereiden op het begrijpend lezen. Om goed begrijpend te kunnen lezen, moeten kinderen beschikken over verschillende strategieën. Door middel van interactief voorlezen werk je als pedagogisch medewerker of leerkracht al voorbereidend aan de volgende strategieën die van belang zijn voor het latere begrijpend lezen:

1. Voorspellen en voorkennis activeren
2. Samenvatten
3. Verhaalstructuur
4. Woordleerstrategieën
5. Verwijswoorden
6. Vragen stellen

In onderstaand schema zetten we didactische werkwijze om de begrijpend luistervaardigheden in de voor- en vroegschoolse periode te stimuleren, naast de werkwijze om in de midden- en bovenbouw aan begrijpend lezen te werken. Zo wordt duidelijk dat sprake is van een doorgaande lijn van begrijpend luisteren naar begrijpend lezen. De strategieën bij begrijpend luisteren verschillen nauwelijks van de strategieën voor begrijpend lezen: 
 

Voorspellen en voorkennis activeren

Onderbouw

Midden- en bovenbouw

Praat over de kaft en de titel

Praat over titel, kopjes en afbeeldingen

Waar zou het verhaal over gaan?

Waar zou de tekst over gaan?

Leg verband met kennis en ervaringen van de kinderen

Leg verband met kennis en ervaringen van de leerlingen

Controleer of de voorspelling klopt

Controleer of de voorspelling klopt

Samenvatten

Onderbouw

Midden- en bovenbouw

Vat na het voorlezen het verhaal met de kinderen samen

Vat iedere alinea samen

Vraag de volgende keer waar het verhaal ook weer over ging

Laat de leerlingen samenvatten

Vat de hele tekst samen; verwijs naar de voorspelling

Verhaalstructuur

Onderbouw

Midden- en bovenbouw

Gebruik wie-wat-waar-picto’s om over onderdelen van het verhaal te praten

Wijs op verbanden in de tekst, met name tussen de titel en alinea’s

Laat de leerlingen een schema van de tekst maken

Woordleerstrategieën

Onderbouw

Midden- en bovenbouw

Verwoord af en toe een strategie bij een onbekend woord:

- Welk stukje van het woord ken ik al?

- Vooruit- of teruglezen

- Kijken naar afbeelding

Laat leerlingen de woordhulp gebruiken:

- Welk stukje van het woord ken ik al?

- Vooruit- of teruglezen

- Kijken naar afbeelding

- Opzoeken

Vragen stellen

Onderbouw

Midden- en bovenbouw

Model hoe je vragen stelt bij de tekst en hoe je het antwoord vindt

Model hoe je vragen stelt bij de tekst en hoe je het antwoord vindt

 
Wat verandert er van voorschoolse periode en onderbouw tot midden- en bovenbouw?

• De rol van de leerlingen wordt steeds groter: ze worden steeds zelfstandiger.
• Het niveau waarop de vaardigheden worden beheerst wordt hoger.
• De te lezen teksten worden complexer.
• De rol van de leerkracht verandert: van impliciet voordoen naar expliciete instructie.

  • CED-Groep
  • Postbus 8639
  • 3009 AP
  • Rotterdam
  • tel: 010 4071 599