De Kennisrotonde van Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO) is het online loket voor de snelle beantwoording van vragen uit het onderwijs met kennis uit onderzoek. Iedereen die werkt in of nabij de onderwijspraktijk van het primair onderwijs, voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs kan vragen stellen. Deze vragen beantwoordt de Kennisrotonde met wetenschappelijk gefundeerde inzichten over wat wel en wat niet werkt. Hieronder vindt u de vragen die gesteld zijn met betrekking tot begrijpend lezen met daarbij de antwoorden.

De onderstaande vragen zijn overgenomen van de Kennisrotonde, het online loket voor de beantwoording van actuele kennisvragen uit en over het onderwijs.

Vraag en antwoord - PO

Veel tijd besteden aan lezen is belangrijk voor de ontwikkeling van leesvaardigheid. Door de leesmotivatie van leerlingen te verhogen, zullen zij frequenter gaan lezen. Daardoor verbetert dus tevens hun leesvaardigheid (technisch lezen en begrijpend lezen). Scholen kunnen het lezen bevorderen door onder andere een grote variatie van boeken voor alle leeftijden aan te bieden. Dit aanbod moet aantrekkelijk zijn en niet alleen fictie (jeugdliteratuur) bevatten maar ook non-fictie (informatieve teksten). Verder is het van belang een leescultuur op school te ontwikkelen, leerlingen te begeleiden bij hun keuzes en tijd in te ruimen om leerlingen die zelf gekozen boeken te laten lezen. Succesvol leesbevorderingsbeleid beperkt zich echter niet tot geïsoleerde activiteiten, maar legt een relatie met het hele basisschoolcurriculum. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/technisch-lezen-3/

Bij begrijpend lezen is er veel aandacht voor leesstrategieën. Leesstrategieën aanleren heeft vaak positieve effecten op het tekstbegrip van leerlingen in de basisschoolleeftijd. Maar deze positieve effecten zijn in de meeste gevallen aangetoond met methode gebonden toetsen en niet altijd aantoonbaar bij gestandaardiseerde toetsen. Om leesstrategieën aan te leren wordt vaak ‘modeling’ ingezet. Bij 'modeling' doet de leraar de taak of leesstrategie voor als onderdeel van de leesdidactiek. Onderzoek in het voortgezet onderwijs laat zien dat deze aanpak een positieve invloed heeft op het tekstbegrip van leerlingen. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/begrijpend-lezen/

Dyslexie verwijst naar een stoornis in het (leren) lezen en/of spellen, die ook invloed heeft op het leren lezen van Engels als vreemde taal. Met name het niet transparante taalklanksysteem in het Engels belemmert het leren lezen in deze taal. Mondelinge taalvaardigheden en andere specifieke vaardigheden (zoals leesstrategieën) geleerd in de moedertaal kunnen helpen de vreemde taal te leren (lezen). Ook blootstelling aan de vreemde taal en het ontwikkelen van compensatievaardigheden kunnen helpen. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/relatie-ontwikkeling-leesvaardigheid-engels-en-dyslexie-in-de-basisschoolleeftijd/

Om getalenteerde lezers uit te dagen en te stimuleren in hun leesontwikkeling is een op maat gemaakt, uitdagend leesprogramma nodig. Die lezers hebben behoefte aan materialen waarmee ze hun vaardigheden voor leesbegrip kunnen verdiepen en een variëteit aan teksten van verschillende genres leren waarderen. Verder hebben ze baat bij ontwikkeling en aanmoediging voor kritisch lezen en creatief lezen. Het op hun niveau bevorderen van leesmotivatie en –plezier verdient aparte aandacht. De leerkracht speelt in dat alles een belangrijke rol. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/passend-leesonderwijs-in-groep-3/

Om het lezen van losse woorden bij leerlingen in groep 5 te verbeteren is het allereerst belangrijk dat leerlingen veel lezen. De leerkracht moet dus voldoende tijd inruimen en ervoor zorgen dat er elke week een minimale hoeveelheid leesmateriaal herhaald gelezen wordt, bij voorkeur in betekenisvolle contexten. Expliciete instructie in de opbouw en structuur van woorden en oefenen op zowel woord-, zins- als tekstniveau is hierbij essentieel. De leerkracht speelt daarbij een cruciale rol (model staan en feedback geven). Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/technisch-lezen/

In de groepen 4-8 op de basisschool versterken woordenschatontwikkeling en begrijpend lezen elkaar. Bevorderen van leesvaardigheid en investeren in begrijpend lezen verhogen het woordenschatniveau bij leerlingen. Dat geldt eveneens voor het geven van hints om betekenissen van nieuwe woorden in teksten af te leiden. Op jongere leeftijd dragen taalprogramma’s in de voorschool met een uitgebreid gebruik van woorden bij aan de woordenschat van kinderen. Ook het (thuis) voorlezen voordat een kind naar school gaat, heeft een positieve invloed op de woordenschatgroei. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/cito-woordenschat/

Dat er een effect is van aandacht voor verschillende leerstijlen en/of meervoudige intelligentie op de leesvaardigheid (begrijpend lezen) in een vreemde taal wordt niet bevestigd op basis van een literatuurstudie. Wat eerder een positief effect lijkt te hebben als uitvoerbare en effectieve onderwijsinterventie bij de ontwikkeling op leesvaardigheid, is het gebruik van leesstrategieën. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/effect-didactische-aanpak-op-leesvaardigheid-vreemde-taal/

In de groepen 4-8 op de basisschool versterken woordenschatontwikkeling en begrijpend lezen elkaar. Bevorderen van leesvaardigheid en investeren in begrijpend lezen verhogen het woordenschatniveau bij leerlingen. Dat geldt eveneens voor het geven van hints om betekenissen van nieuwe woorden in teksten af te leiden. Op jongere leeftijd dragen taalprogramma’s in de voorschool met een uitgebreid gebruik van woorden bij aan de woordenschat van kinderen. Ook het (thuis) voorlezen voordat een kind naar school gaat, heeft een positieve invloed op de woordenschatgroei.Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/cito-woordenschat/

Succesvolle interventies voor zwakke lezers richten zich op training van klankbewustzijn, training in lettergrepen, training van leessnelheid, woorden en teksten lezen, en oefenen, veel oefenen. Het is belangrijk dat een vertraagde leesontwikkeling snel wordt gesignaleerd en dat er in het leesonderwijs aandacht is voor differentiatie.Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/oefenmethodes-verbetering-leesvaardigheid-groep-3/

Met methodeonafhankelijke toetsen voor begrijpend lezen worden algemene vaardigheden getoetst. Denk daarbij aan wereldkennis, woordenschat en het kunnen leggen van verbanden of redeneren in nieuwe situaties. Deze vaardigheden zijn sterk verbonden aan intelligentie. Daarom is het aannemelijk dat intelligentie van invloed is op de scores op deze toetsen. Dat is minder het geval bij methodegebonden toetsen. Die zijn vooral geschikt om vast te stellen of leerlingen specifieke doelen hebben behaald. We moeten echter voorzichtig zijn met stellige conclusies. Er is onvoldoende empirisch onderzoek gedaan om een eenduidig antwoord te geven op de vraag. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/disharmonisch-intelligentieprofiel-en-begrijpend-lezen/

Het doel van begrijpend leesonderwijs is dat leerlingen leren hoe ze teksten kunnen verwerken en begrijpen. Leesonderwijs dat aandacht besteedt aan de tekst én aan leesstrategieën lijkt het meest succesvol. Ingrediënten voor effectief leesonderwijs zijn: gebruik van grafische of tekstschema’s, stellen en beantwoorden van tekstvragen, aandacht voor tekststructuur en samenvatten van de tekst. Een lesmodel waarin strategie-instructie geleidelijk overgaat van docentregulering naar leerlingregulering is hierbij bewezen effectief.Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/elementen-les-begrijpend-lezen/

Tutorlezen is een effectieve aanvulling op de klassikale leesinstructie. Het bevordert vloeiend lezen en heeft een positief effect op onder andere leesmotivatie en zelfvertrouwen. Wil tutorlezen effectief zijn dan zal het meerdere malen per week in korte sessies moeten plaatsvinden. Belangrijk is daarbij dat het leesmateriaal aansluit op de interesses en het niveau van de zwakkere lezers (de tutee). De tutoren (leerlingen uit hogere groepen of leerlingen met een betere leesvaardigheid) moeten vooraf worden getraind. En hoewel een goede relatie tussen de tutor en tutee essentieel is, dient de samenstelling van tutor-tutee koppels minimaal maandelijks te wisselen. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/effectiviteit-en-voorwaarden-tutorlezen/

Leesmotivatie is een belangrijke voorspeller van leesgedrag en van leesprestaties. Op theorie gestoelde programma’s voor leesmotivatie dragen bij aan de motivatie van leerlingen en aan hun vaardigheid in begrijpend lezen. Het effectiefst zijn programma’s die nadruk leggen op redenen om te lezen, in combinatie met het bevorderen van zelfvertrouwen. Ook het wekken van persoonlijke interesse, aandacht voor de autonomie van de leerling en het stimuleren van samenwerking vergroten het plezier in lezen.Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/leesmotivatie-en-prestaties-voor-begrijpend-lezen/

Leerlingen die gedurende hun basisschoolperiode veel tijd besteden aan het lezen, ontwikkelen zich tot goede lezers. Leerlingen die weinig lezen, blijven daarin achter. Voor het bevorderen van voortgezette technische leesvaardigheid – vlot en vloeiend lezen met begrip – zijn hardop lezen en stillezen effectieve aanpakken. Het delen van leeservaringen met medeleerlingen en begeleiding door de leerkracht zijn bij deze leesactiviteiten voorwaarden voor succes.Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/relatie-tijdsinvestering-lezen-en-groei-technische-leesvaardigheid/

Vraag en antwoord - SBO/SO

Ook voor kinderen met een verstandelijke beperking zijn vaardigheden in technisch lezen en begrijpend luisteren essentieel voor het niveau van begrijpend lezen. Deze kinderen zijn gebaat bij veel en structureel aanbod, systematische en expliciete instructie en veelvuldige oefening in (begrijpend) lezen. Wat helpt is een onderwijsprogramma met onder andere aandacht voor expliciet modelen (voordoen), begeleide inoefening (het geleerde oefenen en toepassen met hulp van de leraar), correctieve feedback, en het bevestigen en belonen van een goed resultaat. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/begrijpend-lezen-en-zmlk/

Veel zwakke lezers in de bovenbouw kunnen redelijk technisch lezen, maar hebben vooral problemen met het begrijpen van (meer complexe) teksten, mede als gevolg van een gebrekkige woordenschat en een lage intelligentie. In het onderwijs voor de bovenbouw moet dus nadruk liggen op tekstbegrip en niet op leessnelheid. Het is aan te raden dit onderwijs te laten aansluiten bij de belangstelling van leerlingen en te verbinden met leesteksten gericht op relevante vakinhouden. Intensieve begeleiding van kleine groepen is hierbij een belangrijke voorwaarde. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/verantwoord-leesonderwijs-sbo/

Vraag en antwoord - VO

Een aantal strategieën is effectief voor begrijpend en studerend lezen van zaakvakteksten. Als docenten leerlingen de opdracht geven deze strategieën uit te voeren, beïnvloedt dat hun leerprestaties positief. Met een passende didactische aanpak kunnen docenten leerlingen leesstrategieën aanleren. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/leesstrategieen-in-vaklessen/

Goed leesonderwijs bevordert de woordenschat en de achtergrondkennis van zwakke lezers in het voortgezet onderwijs, en hun leesmotivatie. Daarnaast zal het bijdragen aan actieve kennis- en begripsconstructie door leerlingen strategieën aan te leren die het leesbegrip monitoren en sturen, door met hen te praten over teksten en boeken en door ze over teksten te laten schrijven. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/hoe-effectief-is-gebruik-leesstrategieen-verbeteren-begrijpend-lezen-zwakke-lezers-vmbo/

Schriftelijke toetsen en/of schriftelijke toetsitems doen een beroep op de leesvaardigheid van de leerling. Het begrijpen van toetsitems hangt onder andere samen met de woordenschat en de mate waarin het werkgeheugen door de opgave(n) wordt belast. Een aantal factoren kan het tekstbegrip van zwakkere lezers in het vmbo bevorderen. Aandacht voor de context, taalgebruik, tekstverbanden en woordenschat kan het tekstbegrip bij toetsitems en daarmee mogelijk de leerprestaties voor vmbo-leerlingen verhogen. Het idee is dat een beter tekstbegrip tot accuratere antwoorden zal leiden. Lees verder op https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/lezen-vo/